#minirecensies

December 4th, 2009

-The Black Heart Procession-Six Duister, beklemmend, aangrijpend, betoverend, zwart en meeslepend zoals zij dat zo goed kunnen.

-Jon Spencer Blues Explosion-Orange. Wat kan die man toch een geweldig nummer maken over zulke lelijke broeken als Bellbottoms.

-Johnny Cash-At San Quentin. Had ik in 1969 daar maar in de bak gezeten voor het 1 of ander. Dat was ik er mooi bij geweest.

-Ik vind The Devil & Abbe May-Hoodoo You Do na 1 liedje al de beste lieve meisjes zingen smerige Aussie blues plaat van 2009.

- Ook na 19 jaar ben ik nog altijd meer onder de indruk van Danzig-DanzigII:Lucifuge dan van Glen Danzig zijn spierballen.

-Lightning Dust-Infinite Light. Had de hele plaat geklonken als het laatste nummer (Take It Home) dan was ‘t ‘n wereldplaat.

Frommel gotta Boom Boom!

November 19th, 2009

Iers is niet de taal die ik het makkelijkst versta. Vanavond in Paradiso in een uitverkochte bovenzaal al helemaal niet. Ik versta bijna niets van wat Imelda May tussen de nummers door zegt. Ik versta bijna niets, maar geniet het hele concert lang.

Om half tien staan we met 300 man buiten. Om onopgehelderde redenen mogen we nog niet naar binnen. Is het concert eerder op de avond nog niet afgelopen? Er wordt gefluisterd dat Wilco in de grote zaal later dan gepland is begonnen. Wat dat met ons te maken heeft wordt er niet bij verteld. Om een uur of tien sta ik dan toch in de bovenzaal. Op mijn favoriete plek. Naast de schouw. Een biertje op de schouw.

Ik houd best van Rockabilly, maar meestal heb ik het na een aantal nummers wel gehoord. Ik ben geen kenner dus ik zal het wel mis hebben, maar meestal vind ik het wat eentonig. Imelda May niet. Imelda May shift van rockabilly naar skiffle, van rock and roll naar blues en van jazz weer terug naar rockabilly.

Imelda May ziet er geweldig uit. Ze heeft een groene jurk aan met panterprint. Haar haar zit in een strakke kuif gerold. De begeleidingsband is van goed (drummer), naar beter (gitarist en bassist), naar geweldig (trompetist). Die begeleidingsband zet een strak en solide geluid neer waar overheen de stem van Imelda kan excelleren. Tijdens de eerste twee nummers is het geluid van de zang nog een beetje blikkerig afgesteld alsof het tegen rondzingen aan zit, maar daarna is het precies goed. Ingetogen waar het ingetogen moet zijn. Hard waar het harder kan. Een heerlijk rauw rafelrandje wanneer we vanuit de nachtclub de regenachtige straat op getrokken worden.

De band en het optreden dat ze verzorgen klinkt zeldzaam goed. Niet alleen is de band spatloos op elkaar ingespeeld, het zaalgeluid is deze avond super. De mix is precies goed. Helaas een zeldzaamheid in concertzalenland.

Ik versta alleen niets van dat Ierse accent van Imelda May. De hele avond niet. Behalve op een moment. Op precies het goede moment versta ik haar. De playlist geeft Knock 123 aan. Een van mijn favoriete nummers van de cd Love Tattoo. Ze verteld waar het nummer over gaat. Over hoe ze werkte met oudere mensen. Op een dag is ze bij een oude vrouw wiens man een jaar daarvoor is overleden. De oude vrouw verteld haar dat haar man er dan wel niet meer mag zijn, maar dat hij nog iedere dag bij haar is. Dat hij in het huis spookt en dat ze nog net zo ontzettend verliefd op hem is als 50 jaar geleden.

Knock 123 was al een mooi nummer, maar nu ik de betekenis achter het nummer ken is het nog mooier. De ingetogen versie wordt bijna verknald door een heleboel Wilco lawaai dat opeens door de openstaande deuren naar binnen druipt. De man achter mij sluit ze snel. Knock 123 wordt op een intense, ingetogen manier gespeeld. Zacht en verstild. De betekenis achter het nummer versterkt het en maakt het drie maal intenser.

Ik ben helemaal niet zo stoer als ik me voordoe. De tranen prikken weer eens in mijn ogen. Na afloop rook in een sigaret met Wilco gangers en spoed mij naar huis. Het is maandagnacht half twee. Ik moet nu echt gaan slapen…

Kort maar krachtig

November 15th, 2009

Ik hou van lekkere korte pakkende album en song titels. De combinatie van beide is helemaal goed.

Alice Donut-The Untidy Suicides Of Your Degenerate Children.

Met daarop het nummer:

The Son Of A Disgruntled X-Postal Worker Reflects On His Life While Getting Stoned In The Parking Lot Of A Winn Dixie Listening To Metallica

Of wat dacht u van:

Man Or Astro-Man?-Eeviac Operational Index An Reference Guide, Including Other Modern Computational Devices.

Met daarop het nummer:

Within The Mainframe, Impaired Vision From Inoperable Catarcts Can Become A New Impending Nepotism.

Sinds vorige maand weten de Canadezen ook hoe het moet:

Rock Plaza Central-…At The Moment Of Our Most Needing Or If Only They Could Turn Around, They Would…

Met daarop het nummer:

We Are Full Of Light (That Blinds Us At The Moment Of Our Most Needing)

Weet u meer van dit soort fijne korte album en song titel combinaties?

Arme mevrouw Geus

November 9th, 2009

Een van de voordelen van mijn werk is dat er dagen zijn dat ik een groot gedeelte van de werkdag een aardig end voor me uit kan dromen en denken. Vandaag was zo’n dag. Vandaag heb ik heel wat voor me uit gedroomd en gedacht. Dat kan over van alles gaan. Over voetbal, over politiek, over mijn Puch, over keihard neuken, over het weer. Vandaag ging het over televisie. Vandaag dacht ik een heel end weg over televisie.

Ik denk dat het komt doordat ik gisteravond voor het eerst sinds hele lange tijd weer eens een avondje doelloos gezapt had. Ik zag van alles en ik zag niets. Ik zeg niets en oh zo veel. Zo zag ik een dans. Of eigenlijk zag ik er twee. De eerste dans werd gedanst door een meisje dat heel erg zielig was, want haar vaste dans partner mocht deze avond niet met haar dansen. Het waarom daarvan ontging mij geheel. Het was me ook een worst die reden. Ik keek met maar een reden en die reden moest nog komen. Het meisje dat zo zielig was deed een dans die als ik het goed heb poppen heet en die voornamelijk bestond uit stuiptrekkingen. Er danste ook nog een jongen mee. Geloof ik.

Nadat het stuiptrekken was afgelopen, zei iedereen tegen het zielige meisje dat het heel goed was. Ik keek er naar. Ik hoorde het gezegd worden. Ik dacht het zal wel. Ik vond het niets dat stuiptrekken. Maar ik heb dan ook helemaal geen bal verstand van dansen. Laat staan van poppen. Ik snapte er dus niets van, maar ik bleef kijken, want ik wist dat als de loftrompet zou zwijgen dat mijn reden van kijken zou verschijnen.

Daar was ze. De presentatrice die zich als een rock and roll vrouw uit de jaren vijftig vermomd. The object of my affection. Iedere zondag voor een paar minuten. Ze was in beeld en ik herinnerde haar naam weer. An Lemmens. An stelde de jongen voor die vorige week nog met het zielige meisje danste, maar dat deze week om onduidelijke redenen niet meer mocht. Hij moest deze avond met een mooie lange slanke negerin dansen. Ze deden alsof ze heel blij met elkaar waren en vouwden een papiertje open waar op stond dat ze een moderne dans moesten dansen. De jongen die vorige week nog met het zielige meisje mocht dansen, maar deze week om onduidelijke redenen niet meer, bleek een hiphop danser te zijn en de moed zakte weg uit zijn ogen bij het lezen van de woorden moderne dans.

Ik bleef ondertussen kijken. Ik dacht ik heb geen verstand van poppen ik heb misschien nog wel minder verstand van moderne dans. De moed zakte de jongen nog verder uit de ogen toen hij hoorde dat hij ook nog eens iets uit moest beelden en wel de dood. Mij zakte de moed ook in de schoenen. Ik zat helemaal niet te wachten op een moderne dans interpretatie van de dood. Ik wilde An in beeld. Ik heb niets met dansen. Ik heb niets met poppen. Ik heb niets met moderne dans. Ik heb wel iets met An. Al is dat meer wishful thinking.

Een paar minuten later zat ik verbluft op de bank. De jongen die vorige week nog met het zielige meisje had mogen dansen, maar deze week om onduidelijke redenen niet en de lange slanke negerin hadden mij een dans voorgeschoteld die ik werkelijk indrukwekkend vond. Ik had voor het eerst in mijn leven een dans gezien die indruk op mij maakte. Die mij raakte. Die mij iets deed. Ik keek naar de televisie en zei, wauw. Ik keek naar de televisie en zag An niet eens meer.

Iets later kwam ik op een ander kanaal. Iets met boeren en hitsige vrouwen die wel een potje rollenbollen in het hooi zagen zitten. Niet alleen de vrouwen bleken hitsig te zijn. Ook de mannelijke hormonen en het testosteron schoot van het beeldscherm af. Ik snapte er niets van. Daten op tv. Ik snapte er niets van en dacht, man uit provincie stad zoekt vrouw. Daar ga ik me voor opgeven. Als het maar niet gepresenteerd wordt door Yvon Jaspers.

Vroeger toen Yvon nog het klokhuis deed was ik hartstikke verliefd op Yvon. De concurrentie was groot, maar dat deerde me niets. Ik keek iedere avond naar het Klokhuis. Dat was toen. Nu vind ik Yvon een stom wijf. Als Yvon man uit provincie stad gaat presenteren dan doe ik dus niet mee. Ik had een beter idee. An Lemmens leek mij de aangewezen persoon om dit format te presenteren. Ik zou dan voor de vorm voor 10 dames die brieven hebben geschreven kunnen gaan, maar al mijn pijlen zouden gericht zijn op An. Ik kwam dan ook al snel tot de conclusie dat Puchrocker zoekt An Lemmens een beter format zou zijn. Gegarandeerd kijkcijfer kanon. Televisierring en Gouden Roos schitteren aan de horizon.

En zomaar opeens op onverklaarbare wijze ging mijn gedachte naar Rob Geus en of hij getrouwd zou zijn. En nog erger, heeft hij kinderen?

Havilah in Haarlem

November 2nd, 2009

Moet ik dit wel doen, vraag ik me op het station af. Is dit wel verstandig? Ik heb net vijf dagen op bed gelegen. De eerste drie dagen slapend en zwetend. De laatste twee dagen langzaam bij positieven komend. En nu sta ik hier op het station. Te tollen op benen van pap.

Ik moet dit gewoon doen. Ik heb al een kaartje gekocht. Ik heb ze gisteren al gemist in Utrecht door dat griepbed. Ik neem straks gewoon een biertje en dan gaat het wel weer. Juist wel gaan zal de laatste restjes griep uit mijn lijf verdrijven. Ze hebben voor mij de plaat van 2009 gemaakt. (Al komt die plaat uit eind 2008)

U begrijpt, ik verzin 300 redenen om niet naar huis te gaan en wel op de trein naar Haarlem te stappen. Ik ben makkelijk te overtuigen merk ik maar weer. Beloof mij een biertje en rock and roll en ik zeg ja. De deuren van de trein gaan open en ik stap in. Drie kwartier later sta ik tollend in de Patronaat. Het zweet staat op mijn rug en in mijn schoenen. Ik voel me hondsberoerd, maar ik ga wel straks The Drones zien.

The Drones daar blijk ik dus veel voor over te hebben.

Het voorprogamma heeft een leuke zangeres. Ik zou uren naar haar kunnnen kijken, maar de muziek die zij en haar kompanen van de Monroes uit de speakers laten klinken doen mij niets tot weinig. Het is pauze en ik ga buiten een sigaretje roken. Via mijn iPhone Twitter vraag ik Tim Knol, die in de grote zaal het voorprogamma van Johan verzorgd, even te komen buurten.

Het is belachelijk rustig. Ik schat zestig mensen, maar volgens mij is dat meer omdat ik niet wil dat het er eigenlijk nog minder zijn. Waar verbaas ik me eigenlijk nog over. Ik ben wederom ook de enige uit Hoorn. Mensen gaan schijnbaar niet meer naar concerten toe. Er zal wel wat belangrijks op televisie zijn geweest. Zestig mensen. Een van hen ben ik. Tollend op mijn benen. De thuisblijvers zullen ongelijk krijgen.

Ik loop op Ralph af en doe hem de groeten van T.Korsel. Ralph kijkt me aan alsof hij water ziet branden. Ik herhaal de groet van T.Korsel. Ralph kijkt me nu aan alsof ik zojuist heb voorgesteld hem in de wc keihard in zijn reet te neuken. Ralph heet helemaal geen Ralph en T.Korsel kent hij al helemaal niet. Als ik zeg dat Ralph dan in ieder geval de tweelingbroer van Ralph moet zijn loopt hij weg en blijft de rest van de avond op een afstandje naar me kijken alsof ik een melaatse ben.

Zwart. De band is in het zwart gekleed. Behalve de bassiste Fiona Kitchin Die heeft een rood zomers jurkje aan. Om die kleur explosie op het podium te compenseren staat ze het hele concert met haar rug naar het publiek geconcentreerd de nummers bij elkaar te pompen. De zanger/gitarist Gareth Liddiard moet nodig een broodje frikadel eten. Het liefst twee. Met heel veel mayonaise. Een paar luciferhoutjes in het zwart. Uit dat breekbare lijf komt een stortvloed aan gitaargeweld en zang. Een plectrum is niet nodig. Gitaar spelen doe je met je blote handen. Een tremolo laat je gewoon niet los.

The Drones doen niet aan traditionele songstructuren van couplet, refrein, couplet, refrein. Nummers onder de 5 minuten worden, als ze al bestaan, niet gespeeld vanavond. The Drones staat tot hun knieen in het moeras. Het trekt en het sleurt en het zuigt. De zang van Liddiard trekt en sleurt nog meer. Hij zeurt, zeikt, zanikt en schmiert. Alles klopt aan het geluid van The Drones.

Dit is geen muziek die tranen uit me trekt als bijvoorbeeld Woven Hand of William Elliott Whitmore dat kunnen. Dit is wel muziek die tegen mijn huid aan spat, naar binnen dringt en zich nestelt in al mijn cellen. Ik voel me hondsberoerd, maar ik weiger te capituleren. Tollend op mijn benen zuig ik het concert op. Zwetend als een os zit ik in de trein. Ik ben bek af en wil naar huis. Slapen zal me niet lukken. The Drones zitten in mijn botten en mijn spieren. Totaal hyper staar ik in bed naar het plafond.

U bleef thuis. U had ongelijk.

(foto’s komen van de myspace van The Drones)

Wat ik u zou kunnen vertellen (of juist niet)

October 17th, 2009

Ik zou u kunnen vertellen over mijn grootste irritatie factor van dit moment. Een irritatie factor waar ik dagelijks mee te maken heb. Die mij een hoop zin in bepaalde dingen ontneemt.

Ik zou u kunnen vertellen over de hekel die ik heb aan factoren aan wie het nooit ligt. Factoren die niets fout doen. Die als ze wel iets fout doen dat gewoon ontkennen en de fout ergens anders neer leggen. Die de onaardige ik in mij naar boven halen. Waarop ik niet meer normaal kan reageren. In ieder geval niet meer als de best wel aardige jongen die ik toch echt wel ben. Die het mij niet meer doen lukken om een negeer muur op te trekken.

Ik zou u er over kunnen vertellen, maar ik doe het niet. Ik kijk wel uit. Ik weet helemaal niet wie hier met u mee leest. Het beestje bij het naampje noemen kan leiden tot het ingooien van mijn eigen glazen en een goede glasverzekering ontbreekt op dit moment. U moet het dus zonder dat verhaal doen.

Ik zou u wel over andere dingen kunnen vertellen. Over hoe ontzettend happy en verliefd ik met en op mijn iPhone ben bijvoorbeeld. De uitvinding van deze eeuw als u het mij vraagt. Ik kan u ook vertellen over de hele rits ontzettend fijne nieuwe platen die in mijn leven zijn gekomen de afgelopen weken. Daar kan ik u wel over vertellen.

Ik beloof u hierbij dan ook dat ik dat de komende dagen zal doen.

Van fan van Van

October 8th, 2009

Ik ben een soort van fan van Van Morrisson
Ik ben een soort van fan van Vanderberg
Ik ben een soort van fan van Van Dyke Parks
Ik ben een soort van fan van Van Halen

Nou ja eigenlijk niet, maar het klinkt wel geweldig als je het hardop zegt…

Onbereikbaar

October 5th, 2009

“Wij hebben uw My T-Mobile wachtwoord per sms naar u toegestuurd.”

Ehm….per sms naar mij toegestuurd? Tsja, dat is dus een beetje het probleem. Ik maakte dat My-T-Mobile account aan om de mij toegestuurde nieuwe sim-kaart te activeren. Dat moet online of telefonisch, maar geen klantenservice die op zondag open is. Al waren ze het wel. Ik had ze niet kunnen bellen zonder geactiveerde sim-kaart.

En zo ben ik al sinds woensdag telefoonloos. Mijn vaste shag, sleutels, geld, telefoon ritueel stokte bij de telefoon toen ik het huis wilde verlaten voor het woensdagavond zaalvoetbal uurtje. Shag, check. Sleutels, check. Geld, check. Telefoon…telefoon…telefoon…geen check.

Nergens een telefoon te bekennen.

Ik zoek op de voor de hand liggende plekken. Ik zoek op de niet voor de hand liggende plekken. Ik zoek nog een keer op de voor de hand liggende plekken. Geen telefoon. Ik ga mijn gangen van de dag na. Vanochtend heb ik nog gebeld. Vanmiddag nam ik hem mee toen ik mijn rijbewijs ging aanvragen. Sinds een minuut of vijftien ben ik hem kwijt.

De tijd begint te dringen. Het loopt al tegen zevenen. Er moet gevoetbald worden. Gevoetbald en daarna dienen er biertjes gedronken te worden. Sporten is leuk, maar het na-zitje is net zo belangrijk. Ik doe nog een laatste ronde. Ik kijk zelfs in de wasmand en verlaat mijn huis.

Na de voetbal en het na-zitje zullen twee vrienden me proberen bellen. Ligt de telefoon wel ergens in huis dan zal Miserlou van Dick Dale klinken en kan ik hem misschien traceren. Anders het zenuwachtige “plikkeplik” geluid van een gemiste oproep wel. Tegen mijn gewoonte in zet ik geen muziek op als ik thuis kom, maar het huis blijft, op het spinnen van de kat die blij is dat ik er weer ben na, stil. Via een email begrijp ik dat mijn telefoon direkt in de voicemail is geschoten.

Donderdagochtend bel ik T-Mobile. Ik blokeer mijn sim-kaart, laat een nieuwe opsturen en zet mijn abonnement om. Over vier weken wordt op mijn werk een iPhone afgeleverd. Vanochtend heb ik telefonisch mijn tijdelijke sim-kaart weten te activeren. Ik ben al vijf dagen telefoonloos. Hoewel ik bijna nooit bel en ook bijna nooit gebeld word voel ik me al vijf dagen naakt en onbereikbaar. Vanaf vanmiddag heb ik weer wat kleren aan.

Ondertussen ben ik wel al uw telefoonnummers kwijt, want nee een backup heb ik (natuurlijk) niet gemaakt…

Onderstaande was u straal vergeten…

October 1st, 2009

“Dit is een Boggle, zestien hokjes met letters. Met die letters zijn er natuurlijk een heleboel woorden te maken, bijvoorbeeld ‘Spel’. Maar dat woord mag niet! De letters moeten elkaar namelijk aanraken. ‘Zalm’ is een goed woord en ook bij het woord ‘Muziek’ staan de letters met elkaar in verbinding. Zo, dat zijn de regels en laten we nu maar écht gaan Bogglen! Hier is uw gastheer/gastvrouw én presentator/presentatrice:”

Frank Kramer (1989 – 1991)
Dodi Apeldoorn (1991 – 1992)
Hans Schiffers (1992)
Frank Kramer (1992 – 1995)
Judith de Bruijn (1995 – 1996)
Henk Mouwe (invalpresentator)

Maar nu weet u het weer.
Graag gedaan!

Soms is de muziek op een plaat niet belangrijk…

September 28th, 2009