Archive for the ‘the lifes and times of a puchrocker’ Category

De koelkast

Tuesday, March 9th, 2010

Het was koud in de stad. Ik fietste en fietste en ik had het warm. Niet omdat ik zo hard fietste. Het tegenovergestelde was eerder het geval. Mijn gebrek aan snelheid zou eerder een koud gevoel door mijn lijf moeten laten gaan, maar ik had het warm. Op mijn fiets in de stad.

Ik had zojuist een huis bekeken. Een huis waar ik wilde wonen. Een huis dat mijn huis moest worden. Een huis dat ik zou ruilen voor mijn huis. In een stad die ik zou ruilen voor mijn stad. Ik zou een eind komen, maar de twintig jaar in Hoorn niet gaan redden. Ik was zojuist in het huis geweest dat mijn huis zou gaan worden.

Ze had het zelf gezegd. Ze was blij dat ik zo enthousiast over hun huis was. Ze hoefde mijn huis niet eens te zien. Was ze alleen geweest dan zou ze ongezien ja zeggen en de papieren ondertekenen. Zij blij ik nog blijer. Het was slechts zaak om een week later haar man te overtuigen. Daar hoefde ik me geen zorgen over te maken. Ze bleek geweldig te kunnen liegen.

De afmetingen van mijn woonkamer met open keuken viel ze een beetje tegen. De afmetingen van hun woonkamer werd in hun hoofd opgeblazen tot de afmetingen van een voetbalveld. Konden ze hun koelkast wel kwijt? De koelkast als struikelblok voor een voor beide partijen betere woonsituatie? Je gaat een huis toch niet weigeren, omdat de kleur van de dakpannen niet bij je bank past?

De koelkast werd gebruikt als struikelblok. De werkelijkheid bleek een andere optie te zijn. Ik zag het deze week staan. Een driehoeksruil. Met een iets ruimere woning dan dat ik ze kon bieden. De koelkast had makkelijk gepast. Het andere huis was gewoon aantrekkelijker. Niets mis mee met een betere aanbieding, maar zeg dat dan gewoon. Doe het niet met een smoes, maar zeg het gewoon.

Om een lang verhaal kort te maken. Ik zoek dus nog steeds een woonruimte in de grote stad die Amsterdam heet. Mijn wensen zien niet groot. Een klein huisje is genoeg. Twee kamertjes is all I need. Ik heb eventueel een drie en een halve kamer woning in Hoorn er voor te ruil. Weet u iets? Kent u iemand die iets weet? Wilt u voor mij uw oren en ogen open houden?

Brillantine

Tuesday, February 9th, 2010

Een derde Kalua, een derde Vodka, een derde melk. De Kalua en de melk kunnen vervangen worden door Tia Maria, Baileys en Cream, maar ik drink de The Dude versie van de White Russian.

Een derde Kalua, een derde Vodka, een derde melk. Ongeveer, want ik ben nog op zoek naar de ideale mixcombinatie. Iets minder vodka de volgende keer mag wel. Iets meer melk dempt de scherpe vodka smaak, maar killed ook het vleugje Kalua. Iets minder vodka, een klein beetje meer melk en iets meer Kalua. De volgende smaakt inderdaad beter. Mijn olifanten geheugen onthoudt de visuele hoeveelheden voor de volgende keer.

Daar sta ik. Midden in de woonkamer. Dit keer geen Havilah uit de speakers, maar het Blue Harlem radio station van Last.fm. Imelda May zingt in Blue Harlem een cd vol met jazz en swing. Vanavond is mijn woonkamer een rokerige club. Mijn haar zit in een brillantine scheiding. Een glas White Russian in mijn linkerhand. Met een filtersigaret losjes in de rechter dans ik door de donkere club.

Ik neem nog een slok White Russian. Ik trek een grote wolk rook mijn verteerde longen in. Mijn voeten dansen de volgende swing plaat kapot. Mijn hersenen schieten heen en weer. Van haar naar hier. Van hier naar daar. Via mijn geluk naar de verontwaardiging. Langs mijn woede en voorbij een harde lach. De grote zoektocht naar inspiratie.

“Het gaat zeker goed met je?”, zei een vriendin zaterdag op de markt. “Je schrijft niet meer.” Ze heeft gelijk. Het gaat goed met mij. Het wachten en het hopen is voorbij. De zinloosheid is ingezien. Ik schreef het zelf. Can I only write when I’m miserable?

Ideeen genoeg. Inspiratie is in mijn leven nooit ver weg. De verhalen liggen voor een observator op straat. Voor mijn neus of anders net om de hoek. Mijn hoofd vormt de stukken als vanzelf. Automatisch en toch komt er niets op papier.

Mijn voeten dansen het volgende swing nummer aan flarden. Het glas in mijn linker hand. De filtersigaret losjes in de rechter. Mijn haren glimmen van de brillantine. Ik neem nog een slok. De mix is bijna perfect. Ik trek aan mijn sigaret. De rook brandt nicotine bevrediging in mijn verteerde longen. De verhalen vormen zich als vanzelf in mijn hoofd.

Ik moet me nodig weer eens een stuk schrijven…

Uit de polderklei getrokken

Saturday, December 5th, 2009

Deel 5

Op honderd meter van het nieuwe huis is een sloot. Een sloot om in de zomer met een rubberbootje in te dobberen. In de winter kunnen we schaatsen. Want vroeger kon je iedere winter nog schaatsen. Bij de bungalows rechtsom. Een rondje nieuwbouw stad ligt dan voor je. In de stomste buurt van onze woonplaats, waar volgens ons alleen maar tuig woont, lijkt het altijd te dooien en moeten we klunen.

Op 836 met mijn stappenteller getelde stappen van huis ligt mijn nieuwe lagere school. Bijna gaf mijn vader daar les. Ik word net als alle andere jongens verliefd op de juf in de vierde klas. Het jammer vindend dat ze maar twee dagen les geeft. Tijdens een herfstwandeling voel ik me koning als ik haar hand vast houd. Jonge stad, jonge kinderen, jonge juffen. Met carnaval ben ik verkleed als Paul Stanley. Er is net niet genoeg zwarte verf voor mijn pruik.

Nieuwbouw steden zijn een paradijs voor kleine kinderen. Waar je ook naar toe kijkt, je ziet bouwplaatsen. Zijn we op zaterdag niet bezig om daar iets te slopen, dan zijn we op Jeugdland. Een permanent huttendorp aan de rand van de stad. We bouwen er een hut. Verkopen er poffertjes in Flip’s poffertjeskraam. Ik sla een gat in mijn eigen achterhoofd en een spijker in mijn teen.

De buren op het hoekje hebben een kuikentje uit een eendennest gehaald. De moeder was al uren weg zeggen ze. Ik vind ze stom, maar ga toch kijken. Nieuwsgierigheid wint altijd. We mogen zomaar naar binnen. Ik vind het aparte mensen. De woonkamer ligt vol met grote kunststof letters. Hij doet iets met reclame geloof ik. Ik heb er niets van begrepen, want ik luister niet naar wat hij verteld. Het kuikentje kan me ook niets meer schelen. Ik ben gefascineerd door de letters.

Achter ons woont Arnold. Arnold vindt de Opel Kadet de mooiste auto die er is. Waarschijnlijk omdat zijn vader er een rijdt. Arnold heeft speelgoed vrachtwagens waarmee we op de vloer van zijn slaapkamer spelen. Ik vind dat ik veel beter het geluid van een vrachtwagen na kan doen. Arnold vind van niet. We draaien ook muziek, maar Arnold heeft alleen Shakin’ Stevens en Henk Wijngaard. Ik hou van de Stray Cats en The Rolling Stones.

Uit de polderklei getrokken. Een autobiografie van mijn leven.
Deel
1, 2, 3, 4

Arme mevrouw Geus

Monday, November 9th, 2009

Een van de voordelen van mijn werk is dat er dagen zijn dat ik een groot gedeelte van de werkdag een aardig end voor me uit kan dromen en denken. Vandaag was zo’n dag. Vandaag heb ik heel wat voor me uit gedroomd en gedacht. Dat kan over van alles gaan. Over voetbal, over politiek, over mijn Puch, over keihard neuken, over het weer. Vandaag ging het over televisie. Vandaag dacht ik een heel end weg over televisie.

Ik denk dat het komt doordat ik gisteravond voor het eerst sinds hele lange tijd weer eens een avondje doelloos gezapt had. Ik zag van alles en ik zag niets. Ik zeg niets en oh zo veel. Zo zag ik een dans. Of eigenlijk zag ik er twee. De eerste dans werd gedanst door een meisje dat heel erg zielig was, want haar vaste dans partner mocht deze avond niet met haar dansen. Het waarom daarvan ontging mij geheel. Het was me ook een worst die reden. Ik keek met maar een reden en die reden moest nog komen. Het meisje dat zo zielig was deed een dans die als ik het goed heb poppen heet en die voornamelijk bestond uit stuiptrekkingen. Er danste ook nog een jongen mee. Geloof ik.

Nadat het stuiptrekken was afgelopen, zei iedereen tegen het zielige meisje dat het heel goed was. Ik keek er naar. Ik hoorde het gezegd worden. Ik dacht het zal wel. Ik vond het niets dat stuiptrekken. Maar ik heb dan ook helemaal geen bal verstand van dansen. Laat staan van poppen. Ik snapte er dus niets van, maar ik bleef kijken, want ik wist dat als de loftrompet zou zwijgen dat mijn reden van kijken zou verschijnen.

Daar was ze. De presentatrice die zich als een rock and roll vrouw uit de jaren vijftig vermomd. The object of my affection. Iedere zondag voor een paar minuten. Ze was in beeld en ik herinnerde haar naam weer. An Lemmens. An stelde de jongen voor die vorige week nog met het zielige meisje danste, maar dat deze week om onduidelijke redenen niet meer mocht. Hij moest deze avond met een mooie lange slanke negerin dansen. Ze deden alsof ze heel blij met elkaar waren en vouwden een papiertje open waar op stond dat ze een moderne dans moesten dansen. De jongen die vorige week nog met het zielige meisje mocht dansen, maar deze week om onduidelijke redenen niet meer, bleek een hiphop danser te zijn en de moed zakte weg uit zijn ogen bij het lezen van de woorden moderne dans.

Ik bleef ondertussen kijken. Ik dacht ik heb geen verstand van poppen ik heb misschien nog wel minder verstand van moderne dans. De moed zakte de jongen nog verder uit de ogen toen hij hoorde dat hij ook nog eens iets uit moest beelden en wel de dood. Mij zakte de moed ook in de schoenen. Ik zat helemaal niet te wachten op een moderne dans interpretatie van de dood. Ik wilde An in beeld. Ik heb niets met dansen. Ik heb niets met poppen. Ik heb niets met moderne dans. Ik heb wel iets met An. Al is dat meer wishful thinking.

Een paar minuten later zat ik verbluft op de bank. De jongen die vorige week nog met het zielige meisje had mogen dansen, maar deze week om onduidelijke redenen niet en de lange slanke negerin hadden mij een dans voorgeschoteld die ik werkelijk indrukwekkend vond. Ik had voor het eerst in mijn leven een dans gezien die indruk op mij maakte. Die mij raakte. Die mij iets deed. Ik keek naar de televisie en zei, wauw. Ik keek naar de televisie en zag An niet eens meer.

Iets later kwam ik op een ander kanaal. Iets met boeren en hitsige vrouwen die wel een potje rollenbollen in het hooi zagen zitten. Niet alleen de vrouwen bleken hitsig te zijn. Ook de mannelijke hormonen en het testosteron schoot van het beeldscherm af. Ik snapte er niets van. Daten op tv. Ik snapte er niets van en dacht, man uit provincie stad zoekt vrouw. Daar ga ik me voor opgeven. Als het maar niet gepresenteerd wordt door Yvon Jaspers.

Vroeger toen Yvon nog het klokhuis deed was ik hartstikke verliefd op Yvon. De concurrentie was groot, maar dat deerde me niets. Ik keek iedere avond naar het Klokhuis. Dat was toen. Nu vind ik Yvon een stom wijf. Als Yvon man uit provincie stad gaat presenteren dan doe ik dus niet mee. Ik had een beter idee. An Lemmens leek mij de aangewezen persoon om dit format te presenteren. Ik zou dan voor de vorm voor 10 dames die brieven hebben geschreven kunnen gaan, maar al mijn pijlen zouden gericht zijn op An. Ik kwam dan ook al snel tot de conclusie dat Puchrocker zoekt An Lemmens een beter format zou zijn. Gegarandeerd kijkcijfer kanon. Televisierring en Gouden Roos schitteren aan de horizon.

En zomaar opeens op onverklaarbare wijze ging mijn gedachte naar Rob Geus en of hij getrouwd zou zijn. En nog erger, heeft hij kinderen?

Wat ik u zou kunnen vertellen (of juist niet)

Saturday, October 17th, 2009

Ik zou u kunnen vertellen over mijn grootste irritatie factor van dit moment. Een irritatie factor waar ik dagelijks mee te maken heb. Die mij een hoop zin in bepaalde dingen ontneemt.

Ik zou u kunnen vertellen over de hekel die ik heb aan factoren aan wie het nooit ligt. Factoren die niets fout doen. Die als ze wel iets fout doen dat gewoon ontkennen en de fout ergens anders neer leggen. Die de onaardige ik in mij naar boven halen. Waarop ik niet meer normaal kan reageren. In ieder geval niet meer als de best wel aardige jongen die ik toch echt wel ben. Die het mij niet meer doen lukken om een negeer muur op te trekken.

Ik zou u er over kunnen vertellen, maar ik doe het niet. Ik kijk wel uit. Ik weet helemaal niet wie hier met u mee leest. Het beestje bij het naampje noemen kan leiden tot het ingooien van mijn eigen glazen en een goede glasverzekering ontbreekt op dit moment. U moet het dus zonder dat verhaal doen.

Ik zou u wel over andere dingen kunnen vertellen. Over hoe ontzettend happy en verliefd ik met en op mijn iPhone ben bijvoorbeeld. De uitvinding van deze eeuw als u het mij vraagt. Ik kan u ook vertellen over de hele rits ontzettend fijne nieuwe platen die in mijn leven zijn gekomen de afgelopen weken. Daar kan ik u wel over vertellen.

Ik beloof u hierbij dan ook dat ik dat de komende dagen zal doen.

Onbereikbaar

Monday, October 5th, 2009

“Wij hebben uw My T-Mobile wachtwoord per sms naar u toegestuurd.”

Ehm….per sms naar mij toegestuurd? Tsja, dat is dus een beetje het probleem. Ik maakte dat My-T-Mobile account aan om de mij toegestuurde nieuwe sim-kaart te activeren. Dat moet online of telefonisch, maar geen klantenservice die op zondag open is. Al waren ze het wel. Ik had ze niet kunnen bellen zonder geactiveerde sim-kaart.

En zo ben ik al sinds woensdag telefoonloos. Mijn vaste shag, sleutels, geld, telefoon ritueel stokte bij de telefoon toen ik het huis wilde verlaten voor het woensdagavond zaalvoetbal uurtje. Shag, check. Sleutels, check. Geld, check. Telefoon…telefoon…telefoon…geen check.

Nergens een telefoon te bekennen.

Ik zoek op de voor de hand liggende plekken. Ik zoek op de niet voor de hand liggende plekken. Ik zoek nog een keer op de voor de hand liggende plekken. Geen telefoon. Ik ga mijn gangen van de dag na. Vanochtend heb ik nog gebeld. Vanmiddag nam ik hem mee toen ik mijn rijbewijs ging aanvragen. Sinds een minuut of vijftien ben ik hem kwijt.

De tijd begint te dringen. Het loopt al tegen zevenen. Er moet gevoetbald worden. Gevoetbald en daarna dienen er biertjes gedronken te worden. Sporten is leuk, maar het na-zitje is net zo belangrijk. Ik doe nog een laatste ronde. Ik kijk zelfs in de wasmand en verlaat mijn huis.

Na de voetbal en het na-zitje zullen twee vrienden me proberen bellen. Ligt de telefoon wel ergens in huis dan zal Miserlou van Dick Dale klinken en kan ik hem misschien traceren. Anders het zenuwachtige “plikkeplik” geluid van een gemiste oproep wel. Tegen mijn gewoonte in zet ik geen muziek op als ik thuis kom, maar het huis blijft, op het spinnen van de kat die blij is dat ik er weer ben na, stil. Via een email begrijp ik dat mijn telefoon direkt in de voicemail is geschoten.

Donderdagochtend bel ik T-Mobile. Ik blokeer mijn sim-kaart, laat een nieuwe opsturen en zet mijn abonnement om. Over vier weken wordt op mijn werk een iPhone afgeleverd. Vanochtend heb ik telefonisch mijn tijdelijke sim-kaart weten te activeren. Ik ben al vijf dagen telefoonloos. Hoewel ik bijna nooit bel en ook bijna nooit gebeld word voel ik me al vijf dagen naakt en onbereikbaar. Vanaf vanmiddag heb ik weer wat kleren aan.

Ondertussen ben ik wel al uw telefoonnummers kwijt, want nee een backup heb ik (natuurlijk) niet gemaakt…

Rad van Fortuin

Saturday, September 26th, 2009

Santa Barbara, Prijzenslag, Rad van Fortuin, Goede Tijden Slechte tijden.

Iedere door de weekse dag. Drie zelfbenoemde punks op de bank. Een pot vers gezette gemalen koffiebonen koffie op het theelichtje voor ze. Net terug van wat aan rommelen en koffie drinken in het plaatselijke poppodium. Verse koffie voor de buis.

De begin dagen van de commerciele televisie in Nederland. Toen het allemaal nog iets kneuterigs had. Hans Kazan kon ook toen eigenlijk al niet. De begin dagen van de commerciele televisie in Nederland. Toen het leek alsof iedereen in de stamkroeg nog in de bijstand zat. Of kneiterhard werkte. Die waren er ook.

Er is geen woord van gelogen. Zo goed als iedere door de weekse dag zaten wij als zelfverklaarde punks voor de buis. Santa Barbara, Prijzenslag, Rad van Fortuin en Goede Tijden Slechte tijden.

De begin dagen van de commerciele televisie in Nederland. Toen er nog niet vijftien verschillende zangtalentenjachten waren en nog geen wie gaat er het eerst vreemd realitieshows. Toen heel Nederland nog warm liep voor een Hans Kazan die ook toen eigenlijk al niet kon. Toen heel Nederland gespannen keek naar de wie wordt de nieuwe bordjes omdraaister bij Rad van Fortuin talentenjacht toen Leontien had aangekondigd dat ze er mee op hield.

Dagen lang zagen we kandidaten voorbij komen. Cindy Pielstroom won uiteindelijk. Tenminste dat dacht ik. Het blijkt dat Cindy Patricia Rietveld opvolgde die op haar beurt dan dus weer wel de opvolgster van Leontien was. Cindy Pielstroom komt uit Hoorn. Cindy heeft bij kenissen in de klas gezeten. Roem en bekendheid is altijd dichterbij dan je denkt.

Rad van Fortuin was Rad van Fortuin niet meer na het vertrek van Leontien. Hans Kazan zit failliet in Spanjer en af en toe mis ik Hans van der Togt zomaar. Of Cruz en Mason Met z’n drieen op de bank. Met een versgezette pot koffie voor ons op tafel. Arnie heeft tegenwoordig een baard en schijnt te roken. Om de huishoudportemonnee te vullen gaat Leontien weer bordjes omdraaien.

Lege deurmat

Saturday, September 5th, 2009

Het was raar opstaan dinsdagochtend. Het opstaan begon als iedere andere dinsdagochtend. Als iedere door de weekse ochtend eigenlijk. Na mijn wekker een stuk of 10 keer op de snooze button te hebben geslagen moest ik er om half zeven toch echt uit om op tijd de trein in te stappen.

Ik stapte uit bed, ik nam een douche, ik kleedde me aan, ik poetste mijn tanden en liep naar beneden naar de voordeur. Bij de voordeur aangekomen werd mijn ochtend anders dan ik vijftien jaar gewend was. Beneden aan de trap trof ik een lege deurmat aan. Een lege deurmat waar vijftien jaar lang een Volkskrant lag te wachten. 1 september wist ik meteen. Het is vandaag 1 september. Er is vandaag een eind gekomen aan mijn Volkskrant abonnement.

De Volkskrant stond altijd al bekend als het roddelblad voor intellectuelen. De populistische onder de serieuze ochtendkranten, maar ik vond het altijd een hele prettige krant. De opmaak van de NRC vond ik nooit uitnodigen tot lezen, Het Parool te Amsterdam gericht en Trouw te gelovig (een mening die ik overigens een jaar of anderhalf geleden bijstelde). De Volkskrant was mijn krant.

Tot de laatste restyling een half jaar geleden. Wat moest ik in hemelsnaam met een tweede katern dat op dinsdag over de jeugd ging en op woensdag over huizen. Laat dat lekker aan Ouders van nu en VT Wonen. De laatste restyling was het laatste druppeltje dat mij over de ik wil van die krant af muur heen duwde.

Sinds afeglopen dinsdag, sinds 1 september zijn mijn ochtenden Volkskrantloos. Het was even wennen en de Metro en de Spits zijn niet aan mij besteed. Sinds dinsdag lees ik in de ochtendtrein een boek. Of ik doe een tukkie.

Vanochtend liep ik na het opstaan mijn twee trappen af. Op de deurmat lag een Volkskrant. En een Trouw. Helemaal zonder krant kan ik natuurlijk niet, dus nam ik op beide een zaterdag abonnement. Een zaterdag abonnement dat mij in staat stelt om op door de weekse dagen online beide kranten volledig te lezen. Online waar ik een tweede katern over huizen en jongeren en het kerk nieuws gewoon kan overslaan.

Frommel zonder krant? Dat kan namelijk echt niet.

Adventures in drinking

Tuesday, September 1st, 2009

De schaal met citroen schijfjes werd door ons geslachtofferd. Er belandde geen schijfje meer op de rand van een glas. Ze verdwenen stuk voor stuk tussen onze tanden alwaar het vocht uit ze gezogen werd. Op het randje van een vitamine overdosis bestelden we nog een cocktail 4. Dat was onze favoriet van de 7 aangeboden cocktails hadden we aan het eind van de eerste ronde alle cocktails proberen besloten. Iets met Blue Curacao geloof ik.

Ik had de hele middag de stad afgestruind op zoek naar een Hawaï shirt. Zonder succes. Zelfs op de markt was geen afzichtelijk kleurrijk tropisch strandshirt te vinden. Uiteindelijk stapte ik de concertzaal binnen gekleed in een lelijk pis gele blouse met aan de onderrand iets dat op palmbomen moest lijken. Mijn surfband t-shirt werd voor de avond geruild met een zwart t-shirt dragende mede cocktaildrinker die er anders helemaal niet Hawaï uitzag. Voor de fashionata’s onder u, het zwarte t-shirt kleurde echt veel beter dan het witte Tijuana Bibles shirt. Ik zag er messcherp uit. Zelfs met dat pis gele ding aan.

Maar waar bleef die surf nu, vroeg ik me af terwijl ik cocktail nummero 9 achterover gooide. Ja ik was er van op de hoogte dat het om een Rock and Roll avond ging, maar het thema luidde Hawaï dus ik wilde surf, surf en nog eens surf. En een cocktail 4. Iets met Blue Curacao. Dat ook.

Ergens na cocktail nummer tien ben ik de tel kwijtgeraakt waar het gaat om genuttigde cocktails. Het aantal leegezogen schijfjes citroen was ondertussen ontelbaar geworden. Ik was dronken. Dronken op een manier waarop ik nog nooit dronken was geweest. Ik klapwiekte van links naar rechts. Nooit eerder had ik zo lodderig uit mijn ogen gekeken. Wasted, als u het perse zo wilt noemen. Alleen er was iets vreemds met mijn staat van dronkenschap.

Ik had een hoeveelheid alcohol naar binnen gewerkt waar een olifant niet meer van op zijn benen zou kunnen staan. Ik geef toe dat mijzelf dat ook nog maar ternauwernood lukte, maar waar ik anders op zo’n moment ook een hersenpan als een zompige kluit aarde zou hebben maakte ik deze avond alles bewust mee. Alsof ik naar mezelf stond te kijken vanaf een veilige afstand zag ik mijn plastic glas met blauwe drank boven de mengtafel hangen. Ik hoorde mijn eigen stem messcherpe antwoorden geven op alles wat tegen me gezegd werd. Ik was me als een broodnuchtere geheel onthouder bewust van ieder seconde, ieder woord en alles dat om mij heen gebeurde.

Waren het de 600 citroen schijfjes die ik leeg gezogen had tijdens het nuttigen van een ontelbare hoeveelheid cocktails dat ik de dag erna opstond en mij na een uurtje verbaasde dat ik geheel katerloos was? Ik weet het niet. Ik weet alleen dat ik nooit eerder na een avondje extreem doorzakken zo katerloos ben opgestaan. Dat ik ‘s middags in het cafe aan de cola zat was meer een volwassen besluit dat ik voor de komende drie weken genoeg alcohol had genuttigd.

Toen er eindelijk een surfnummer gedraaid werd ben ik als een volslagen debiel door de zaal heen gesprongen. Onder luid gejoel van niemand behalve mezelf. Is mij later verteld. Ik heb er geen seconde herinnering van. Net zomin als van hoe ik in hemelsnaam ben thuisgekomen die nacht…

Wat ik u wilde vertellen

Wednesday, August 19th, 2009

Ik wilde u vertellen over die ene keer dat ik cocaïne snoof. In die donkere danstent in de hoofdstad en dat ik toen een ontzettend opgefokt gevoel in me kreeg. Mijn hele hoofd gilde, doe wat, doe dit, doe dat, dans, spring, zuip, doe! En tegelijkertijd was een schijnbaar nog nuchter gedeelte van mijn zijn zich heel erg bewust van die opgefokte ik. En dat dat deel als op een afstand naar zichzelf stond te kijken en hoe ik toen dacht, jij bent helemaal niet leuk zo. Niet meer doen. En laat het nu maar over zijn.

Ik wilde u vertellen over die ene vrouw waar ik ooit eens mee naar huis ging. Over hoe ik van te voren wist dat dat helemaal geen goed idee was en hoe ik daar ontzettend gelijk in kreeg toen ik eenmaal bij haar in bed lag en dat het toen te laat was. En hoe ik de ochtend erna blij verrast werd met een weergaloos ontbijt en goddelijke koffie en dat de gedachten van de avond er voor totaal verkeerd leken te zijn. En over hoe ik haar nooit meer zag.

Ik wilde u vertellen over dat weiland waar ik langs reed en waar slechts 1 koe in stond. En hoe ik toen door reed. Over hoe ik twee kilometer verder nog steeds aan die koe dacht en hoe ik toen omgekeerd ben om terug te rijden naar die koe. Ik wilde u vertellen over hoe ik bij het hek stond en tegen haar praatte en hoe de koe hoe langer ik tegen haar praatte dichter naar mij toe kwam tot haar kop op het hek lag en ik haar mocht aaien. En over hoe ik mezelf vervloekte op dat moment, omdat mijn camera thuis op tafel lag.

Ik wilde u vertellen over die ene man. Die muzikant die van die pareltjes van liedjes maakt. Over hoe hij zo een grote zou kunnen worden en hoe dat nooit zal gebeuren, omdat de man er meer genoegen in schept om tijdens zijn optredens al die pareltjes om zeep te helpen. En over hoe diezelfde man dan wel weer heel erg grappig blogt en twittert.

Ik wilde het u allemaal vertellen, maar iedere keer dat mijn vingers op het toetsenbord lagen en ik een lege pagina met woorden probeerde te vullen kwam er telkens iets uit dat mij op de delete knop deed drukken. Alsof mijn hoofd door andere dingen in beslag werd genomen, maar het enige andere wat er de afgelopen weken was, was de kermis en hoewel dat reuze gezellig was is dat echt niet iets dat mijn hoofd zo bezig hield dat er geen ruimte meer was voor andere dingen.

Er was ook ruimte genoeg, want de verhalen kwamen als vanzelf. Als altijd. Of op de Puch. De verhalen waren waar ze altijd zijn, maar behalve een droom kreeg ik niets op papier. Behalve een droom en alle verhalen in mijn hoofd had ik schijnbaar helemaal niets te vertellen. Feitelijk heb ik natuurlijk ook niets te vertellen en ben ik net als u een marionet van mijn eigen leven. Zaak is slechts om dat leven dan het marionetten waard te laten zijn. Toch?

Dat wilde ik u dus vertellen.